De kracht van literatuur

Yasunari Kawabata: De schone slaapsters en Sneeuwland

De Wereld Draait Door houdt op te bestaan en daarmee ook het boekenpanel. Eerder verdween het interviewprogramma Boeken. Het waren nog de enige momenten op televisie waarop er over boeken gesproken werd. Voor Mondo is helaas gekozen voor een buitenliteraire invalshoek. Een literatuurliefhebber heeft daar niets te zoeken.

Het viel op dat het boekenpanel zo nodig moest schreeuwen om een boek onder de aandacht te brengen. Al die vreselijke superlatieven. Zo werd het laatste boek van Jeroen Brouwers aangeprezen als ‘mokergoed’. Ook nog slecht Nederlands. Verder vervaagde het onderscheid tussen literatuur en andersoortige boeken. Het ging vaak om de persoon van de schrijver in plaats van om het boek zelf. Dat gold de laatste tijd zelfs voor Boeken. De programmamakers conformeerden zich aan de tijdgeest waarin alles om beeld(vorming) draait en een boek vooral interessant is vanwege het persoonlijke verhaal van de auteur.

Is er in onze tijd nog toekomst voor de literaire roman? Oek de Jong vroeg het zich af in zijn essay Wat alleen de roman kan zeggen (2013, aangevuld in 2015). U raadt het antwoord al. Ik geef de belangrijkste conclusies vereenvoudigd weer.

“De kracht van literatuur” verder lezen

Boekenkast

Mijn boekenkast staat op instorten. Niet omdat ik hem te veel heb belast door er onverantwoord veel boeken in te stoppen. Ik ben nooit een stapelaar geweest. De boeken verdienen respect met een nette plaats in de kast. Hij is gewoon aan zijn levenseinde. Dat kondigt zich aan door een langzaam uiteenvallen: naden worden ruimer, planken hangen op twee millimeter metaal als aan een draadje. Van een afstand lijkt hij nog heel wat. Een ongenaakbare strakke muur. Maar het is een bom die op barsten staat.

Ik maak me grote zorgen en inspecteer dagelijks de vele zwakke plekken. Elke moment verwacht ik de klap. Voorafgegaan door een enorm gedruis, het roffelend geluid van neervallende boeken, het geluid van brekend glas. Ik verbeeld me hoe hij is gevallen: voorover op de glazen salontafel of zijdelings door de ruit van het voorraam. Banden onherstelbaar beschadigd, bladzijden ruw omgevouwen. Mijn kostbaarste bezit gebutst en vermorzeld.

“Boekenkast” verder lezen

Het ongevraagde lawaai van anderen

De krant berichtte onlangs over de toenemende herrie in de horeca. De muziek staat er vaak zo hard dat je elkaar nauwelijks nog kunt verstaan. Hoe later de avond hoe harder je moet schreeuwen. Harde muziek gaat blijkbaar gelijk op met gezelligheid.

Het is natuurlijk van de zotte dat je niet meer rustig kunt eten. Onze eetcultuur stelt blijkbaar zo weinig voor dat mensen meer komen voor de entourage. En daar willen ze ook nog flink voor betalen.

“Het ongevraagde lawaai van anderen” verder lezen

De Young Elderly Person (YEP)

Een aantal weken terug werd door dagblad Trouw de Young Elderly Person in het leven geroepen. Hiermee wordt de grote groep ouderen bedoeld die vitaal in het leven staat. De afkorting moet blijven hangen om aan te geven hoe hip deze bevolkingsgroep is. YEP doet ook denken aan YUP, de Young Urban Professional uit de jaren ’80. Vanwege de tijdspanne kan het trouwens wel eens om dezelfde groep gaan.

Aan de term wordt een hele reeks lange artikelen gekoppeld. Zo is een deel van de krant weer gevuld. Bovendien is er een aparte webpagina aangemaakt. Hierop vind je de onvermijdelijke test (‘Wat voor yep bent u?’), zoals die ooit alleen maar in populaire meisjes- en damesbladen stond, en die je tegenwoordig in elk zelfhulpboek aantreft. Zoiets ga je als weldenkend mens toch niet invullen. Verder kan de YEP – onder het hardlopen of fitnessen – een podcast beluisteren.

“De Young Elderly Person (YEP)” verder lezen

Een klas verwende kinderen

Net als veel Nederlanders kon ik mijn oren gisteren niet geloven toen het Adviescollege Stikstofproblematiek rapport uitbracht. De natuur wordt (eindelijk!) voorop gesteld. Dat dit uit de mond van VVD’er Remkes kwam, maakte het advies nog geloofwaardiger. Het is wat je van de premier had moeten horen en wat in de Troonrede had moeten staan.

De titel van het rapport, ‘Niet alles kan’, moet iedereen met gezond verstand volstrekt normaal hebben geklonken. Dat niet alles kan, is een inzicht dat bij elke opvoeding hoort, hoewel het ook een vervelende moralistische stoplap kan zijn. Dat is wat betreft de uitstoot van stikstof in ieder geval niet zo, omdat het om een groot maatschappelijk probleem gaat.

“Een klas verwende kinderen” verder lezen

De portemonnee

Op Prinsjesdag wordt dikwijls geturfd hoe vaak een bepaald woord in de Troonrede viel. Zo was het woord ‘toekomst’ maar liefst elf keer te horen. ‘Brexit’ maar één keer. Het woord dat mij op deze dag altijd het meest opvalt, is ‘portemonnee’. Prachtig overigens dat dit ouderwetse accessoire als zinnebeeld blijft voortbestaan.

Het gaat de derde dinsdag van september, behalve over stomvervelende tradities en aapjes kijken, natuurlijk over de begroting, over geld. Aan de andere kant krijg je ook een heel blabla-verhaal over ‘de visie’ van het kabinet op de samenleving. Elke keer hetzelfde deuntje en van een stuitend lagereschoolniveau. Alsof de Troonrede uitsluitend gericht is aan domoren. Het gaat dan vooral over wat ‘ons’ allemaal verbindt. Dat er zoveel vrijwilligers zijn. Die kosten in ieder geval geen geld. Wat mensen vooral gemeen hebben, is dat ze in de eerste plaats bezig zijn met hun portemonnee. Vandaar dat dit woord zo vaak valt.

“De portemonnee” verder lezen