Kassa!

Het jaar is nu veertien dagen oud en menigeen zal al bij de kassa onaangenaam getroffen zijn bij het zien van flink hogere prijzen. En hij zal nog veel vaker de wenkbrauwen moeten fronsen.

Het is een op het eerste gezicht slimme zet van het kabinet om het laagste btw-tarief te verhogen, omdat het primaire levensbehoeften betreft, zoals levensmiddelen en drinkwater. Automatisch kassa dus. Men ging er bovendien vanuit dat mensen dit toch wel kunnen betalen, aangezien ‘het goed gaat met de economie’. Daarbij worden de hogere levenskosten gecompenseerd via belastingmaatregelen, zegt men. Of dat daadwerkelijk zo is, zie je echter pas bij de belastingaangifte. En de compensaties lijken vooral goed uit te pakken voor (goed verdienende) werkenden.

Toch lijkt niemand zich er erg druk om te maken. Er worden geen gele hesjes aangetrokken. Hamstergedrag in de laatste week van het jaar bleef uit, ik zag er in ieder geval weinig van (tenzij het de gebruikelijke stompzinnige voordeelactie van onze bekendste grootgrutter betrof, die actie doet me altijd aan een naderende oorlog denken). Ik heb aan het eind van het jaar nog wel wat meer dure producten gekocht, zoals wasmiddelen en olijfolie. Ook al is het maar winst op de korte termijn. Ik voelde me als iemand die op voordeeltjes uit is. “Kassa!” verder lezen

Tradities

Tradities zijn heilig. Zo heilig dat politici er hun vingers niet aan durven te branden. Dat zie je elk jaar weer bij Zwarte Piet, bij het vuurwerk tijdens Oud & Nieuw, waarvan de galm nog in onze oren hangt, of de primitieve nieuwjaarsvuren.

Ondanks de jaarlijkse vuurwerkslachtoffers wordt de vuurwerktraditie nooit aangepakt. Ook niet nu milieuverontreiniging een grotere zorg is dan ooit. Verder lijken steeds minder mensen zich aan de ongeschreven regel te houden om vanaf twaalf uur vuurwerk af te steken, omdat je dan pas wat te vieren hebt (en boze geesten moet verjagen). Dit ‘moment suprême’ wordt in onze lekker-doen-waar-je-zin-in-hebt-maatschappij verpest door een avond lang durend oorverdovend vuurwerk. In plaats van de gebruikelijke lusteloze jongetjes met rotjes zie je doorsnee huisvaders om vijf uur ’s middags het hardste vuurwerk afsteken. Samen met hun jonge kinderen. Heel opvoedend.

In de tussentijd kan ik de oudejaarsconference soms niet meer verstaan en heb ik voor twaalf uur al meer dan genoeg van die zenuwslopende knallen. Ik denk dan vaak terug aan mijn kat die op oudejaarsdag geen leven had, zeker niet toen je al om 10.00 uur ’s morgens met vuren mocht beginnen. Het mag dus nu later, maar nog steeds is dit niet laat genoeg. En wat mij betreft houdt het helemaal op, want de lol is eraf. Blijkbaar glipt er nog genoeg illegaal vuurwerk door de controle, want mijn huis trilt op zijn grondvesten en ik wacht op het moment dat er een keer een ruit springt (wat dit jaar ergens gebeurd is). “Tradities” verder lezen

‘Kerstrede’

Het is de tijd van weeë kersttoespraken, ludieke liefdadigheidsacties, gezochte-themanummers en slappe kerstedities vol interviews met vervelende BN’ers en slechte poëzie. In de vele gelegenheidsspeeches en -artikelen zal het vaak over de klimaatverandering gaan en ‘dat we hier een steentje aan moeten bijdragen’. Dat wil zeggen, minder aan bijdragen.

Deze kerstuitbarsting is over het algemeen nogal gratuit. Vrijwel niemand zal er een kalkoen minder om eten. Het merendeel van de politici zal zich deze in ieder geval laten smaken vanwege het vlak voor kerst bereikte klimaatakkoord. Ook al hebben de natuurorganisaties deze niet ondertekend en blijft het bedrijfsleven aardig buiten schot. De topmanagers hadden eerder – heel eerlijk – laten weten dat het niet aan hun generatie is iets drastisch te doen tegen de klimaat-verandering. Hun vriendjes van de VVD, de goedlachse premier voorop, hebben dit heel goed begrepen. De rest van het kabinet volgde braaf, inclusief het groene jongetje Jetten.

Het meest opvallende van het klimaatakkoord is dat de klimaatverandering van de gewone burger moet komen. Die moet zijn huis isoleren, zonnepanelen laten aanleggen, een elektrische auto aanschaffen… kortom, diep in de buidel tasten. Hier staan dan wel subsidies tegenover, maar deze dekken de aanschaf voor geen meter. Je koopt geen elektrische auto voor 6.000 euro. De subsidie wordt gefinancierd uit hogere belastingheffingen op benzine en benzineauto’s. Dus van het geld van weer andere burgers. “‘Kerstrede’” verder lezen

Lijstjes

Aan het eind van het jaar verschijnen de lijstjes: de meest interessante boeken, de mooiste films, de beste cd’s. Het is een aangenaam, maar ook een beetje kinderachtig tijdverdrijf. Net als ongetwijfeld vele anderen maakte ik als kind lijstjes van mijn favoriete popnummers. Sommige daarvan zie ik terug in de lijst der lijstjes: de Top 2000. Er worden diverse verklaringen gegeven voor het succes van dit toch oubollige programma: het is jeugdsentiment, kweekt een gevoel van saamhorigheid. Ook zou het zekerheid bieden in een almaar veranderende tijd, waar je zo weinig bij kunt voelen. Gelukkig staat ‘Bohemian Rapsody’ dan nog steeds op 1 gevolgd door ‘Hotel California’. Je warmt je eraan als aan een haardvuur. Het zijn ook onverwoestbare nummers.

Muziek nestelt zich als niets anders in je geheugen en is verbonden met herinneringen. Als ik een oude clip van Blondie zie, voel ik opnieuw mijn jongensachtige opwinding. Bij de vroege U2 mijn linkse engagement. Brian Ferry of ABC herinnert me weer aan mijn studententijd en stampvolle, zweterige feestkelders. Daarom is het best aardig die muziek weer eens te horen. Maar je smaak verandert. Daarbij ging ik trouwens soms nog verder terug in de tijd: cooljazz, jaren 70’- funk, fusion.

Als jazzrecensent ben ik vooral geïnteresseerd in het nieuwe. De jaarlijstjes in de jazzbladen waarop ik ben geabonneerd, leg ik graag naast mijn eigen voorkeuren. Ik zie soms verwantschap, maar ook titels die ik misschien over het hoofd heb gezien. Die muziek wil ik alsnog beluisteren. “Lijstjes” verder lezen

Lafbekken en grote bekken

Een aantal gemeentes wil het aan ‘de straat’ overlaten of er een vuurwerkvrije zone komt. Dit experiment was namelijk vorig jaar in een aantal wijken in Den Haag, op een enkel rotje na, een groot succes.

Maar door het aan de burgers over te laten ontlopen deze gemeentes hun verantwoordelijkheid. Zelf hebben ze het over ‘de kracht’ van de burger, zoals de Haagse burgemeester. Een aantal jaren geleden werd immers de term ‘participatiemaatschappij’ uitgevonden, die drastische bezuinigingen op sociale voorzieningen moest verhullen. Sindsdien kijken we weer om naar nooddruftige familieleden, ontspoorde jongeren en ontredderde buren, hoewel inmiddels is gebleken dat dit niet werkt.

Daarbij heb ik me er altijd over verbaasd dat politici het over ‘de wijk’ en ‘de straat’ hebben, omdat die volgens mij niet bestaan of niet meer bestaan, zoals de Haagse Schilderswijk. Daarbij wordt ‘de wijk’ ook nog eens als synoniem van ‘het gewone volk’ gebruikt, terwijl de achtergronden van mensen enorm verschillen. Het is een frase van politici die ver afstaan van de realiteit. “Lafbekken en grote bekken” verder lezen

Vergissing

In de maag
van de machtige potvis
eerst geborgen
in de onmetelijke oceaan
trof men aan:

115 plastic bekertjes
4 plastic flessen
25 plastic zakjes
2 teenslippers
1 nylon tas
en nog wat andere zaken
in totaal 6 kg zwaar

de mens is overal
er is geen vergissing mogelijk.

Hebben is niet altijd ‘houwe’

De discussie over roofkunst is zo oud als de weg naar Rome, maar lijkt, nu Frankrijk bereid is kunstobjecten terug te geven, urgenter dan ooit tevoren.

In Buitenhof zag je aan het zure gezicht van de directeur van het Allard Pierson Museum dat hij helemaal geen zin had om kunst terug te geven, maar als beschaafd mens de discussie wel op een redelijke manier moest voeren. Intussen draaide hij om de hete brij heen.

Als heel jonge museumbezoeker vroeg ik me al af hoe die mummies en maskers in het Rijksmuseum van Oudheden verzeild waren geraakt. Ze stonden immers mijlenver af van de potscherven en pijlpunten die uit de polders opgedolven waren. De Romeinen zijn hier geweest, maar de Egyptenaren? “Hebben is niet altijd ‘houwe’” verder lezen

Montere Weltschmerz

Recensie van ‘Nachtboot’ van Maria Barnas

De nachtboot is ‘de eenzame zwarte boot’ waarop de ‘ik’ uit Marsmans gedicht ‘De overtocht’ vaart ‘in het holst van de nacht/door een duisternis, woest en groot/den dood, den dood tegemoet’. De ‘ik’ is door wanhoop bevangen en door onzekerheid, want wat als ‘de dood het einde niet is’.

De eerste drie regels van dit gedicht vormen het motto van de nieuwe bundel van Maria Barnas. Hoewel de dood, het verstrijken van de tijd en de onzekerheid hierover door de bundel heen terugkeren is ‘Nachtboot’ geen sombere bundel. Het gaat in de gedichten vooral over de onzekerheid of je de werkelijkheid kunt kennen en de pogingen hier vat op te krijgen.

De gedichten zijn daarom heel onderzoekend van toon. In het vierdelige titelgedicht wordt Marsmans gedicht vanuit verschillende perspectieven bekeken. Van buitenaf: ‘Ik zag een schip dat het diepste zwart/vervoert waarin iets opflakkert/als een gezicht in een herinnering’. Of zelfs nog afstandelijker door naar het gedicht zelf te kijken: ’Ik beweeg me tussen een boot en hoe die is beschreven’ waarbij het wel heel intellectueel wordt. Of van binnenuit: ‘Er hapert een boot die mij op volle zee naar huis moet brengen’, waarin ze Marsman benadert. Toch domineert in de gedichten de ratio en is er zelfs sprake van relativerende humor door bijvoorbeeld te verwijzen naar Michael J. Fox in de SF-film Back to the future die eruit ziet ‘alsof hij ook altijd te laat is’. Barnas waakt er duidelijk voor ‘te zwaar’ te worden. Bij haar geen wanhoop. Meer een soort montere Weltschmerz: ‘ik zal met de nachtboot gaan en wakker zijn’. “Montere Weltschmerz” verder lezen

Helden in brons

Hoe verlicht de maatschappij ook raakt, steeds opnieuw voelen mensen de behoefte aan monumenten en standbeelden, die de openbare ruimte vullen en ons ongewild confronteren met slachtoffers van oorlogen en rampen of helden uit het verleden.

Een heleboel van die helden zijn inmiddels in de vergetelheid geraakt, omdat, ondanks die beelden, de tijd steeds verder wegraakt, bepaalde schrijvers en dichters niet meer worden gelezen. Die beelden zijn eigenlijk het best te pruimen, als iets esthetisch op zich, zij het door de duiven onder gescheten. Ze zijn het gezag dat ze moesten afdwingen allang kwijt. En dat is maar goed ook. Het waren ook maar mensen. Er zit bovendien menig staatsman of militair tussen die – in de koloniën bijvoorbeeld – vuile handen heeft gemaakt. Verworden tot straatmeubilair.

Alle reden dus om een streep te zetten onder dat eeuwige vereeuwigen in staal, marmer of brons. Maar dat gebeurt niet, zie de merkwaardige discussie die op dit moment in Dordrecht plaatsvindt. Daar wil de Prins Willem de Eerste Herinneringsstichting (die bestaat!) een standbeeld van Willem van Oranje laten zetten. In brons. Waarom? Niemand die meer geëerd is dan onze aartsvader. Bij al het historisch onbenul overbekend. Wilhelmus van Nassouwe, ben ik van Duitschen bloed. “Helden in brons” verder lezen

Stilstand

Stilstand is het mooiste wat er is:

de machtige gestalte van een boom
in de nacht, niets verroert zich
in het heelal, je hoort alleen
de sterren

de lijnen van de daken
zijn zoals ze moeten zijn:
scherp en hard, maar ook helder
er zijn geen schaduwen

je blaast een wolkje naar
de hemel, of was het er al
je bent uitgebreid
naar het firmament

je wordt er niet jonger op
maar ook niet ouder

stilstand is achteruitgang
noch vooruitgang, maar
ademt in het moment.