Thomas Bernhards opgewekte cynisme

De Oostenrijkse schrijver Thomas Bernhard, die ruim dertig jaar geleden overleed, staat weer volop in de belangstelling. Bij de kleine uitgeverijen IJzer en Vleugels verschijnen er regelmatig nieuwe vertalingen. Het gaat hierbij om proza, terwijl Bernard vooral als toneelschrijver bekend staat. Toneel lees je inderdaad niet zo gauw. Ik kende Bernhard om die reden alleen van naam. Ik wist dat hij een controversieel schrijver was, een non-conformist die voortdurend met de autoriteiten overhoop lag, een misantroop en een kluizenaar. Redenen genoeg om mij op de nieuwe uitgaven te storten en en passant ook wat oude op internet op te snorren.

Prachtig zijn de drie vroege verhalen van Op de boomgrens (1969). Vooral het openingsverhaal, Kulterer, dat Bernhards schrijverschap al in een notendop samenvat: een gevangene komt vrij, maar ziet enorm op tegen de vrijlating, omdat hij zich in de gevangenis tot schrijver heeft ontwikkeld. Hij is bang in vrijheid zijn literaire inspiratie te verliezen. De gevangenis is niet voor niets gesitueerd in een voormalig klooster. De schrijver staat buiten de maatschappij en komt alleen daar tot wasdom.

“Thomas Bernhards opgewekte cynisme” verder lezen

Verbeelde macht

De macht van de natuur doet zich in onze contreien zelden voelen: een enkel najaarsstormpje dat steevast wordt overdreven en van angstaanjagende codes voorzien, een paar kades die eens in de zoveel tijd door gestegen rivierpeil onderlopen. En natuurlijk de aardbevingen in Groningen, maar die zijn in verband te brengen met machtig menselijk handelen.

Bloedeloze parken gaan door voor natuur. De meeste bossen zijn aangelegd. De zee en de polders zijn onder controle door dijken en sluizen, waar we ongelooflijk trots op zijn: Nederlanders als de bedwingers van de elementen. Natuur zien we voornamelijk als mogelijkheid tot recreatie, wat we in deze coronatijd bovenmatig hebben gezien. Van enig ontzag is daarbij geen sprake: zij wordt schaamteloos gebruikt en vervuild. De consumentenmentaliteit wordt tot het uiterste doorgedreven. Machtig is de natuur wel in de Provence waar de korte roman Heuvel (Colline) van Jean Giono speelt, een boek uit 1929.

“Verbeelde macht” verder lezen

Het woke-spook

Er waart een spook door de letteren: het woke-spook. De trend schrijvers te toetsen aan hun politieke correctheid, ook als ze al zijn overleden. Als schrijver sta je algauw op iemands tenen. Wanneer men zich door hem (meestal) of haar tekortgedaan voelt is het internet te klein. Op sociale media wordt door politiek-correcte figuren net zo hard geschreeuwd als door xenofobe rechts-extremisten.

Het woke-spook duikt ook op in het officiële circuit. Zo gebruiken buitenlandse uitgeverijen zogenaamde sensitivityreaders, die manuscripten uitpluizen op eventuele racistische, seksistische of andere genderonvriendelijke elementen. Met de vertaling van Amanda Gormans The Hill We Climb heeft de sensitivityreader ook in Nederland zijn intrede gedaan: die was namelijk een eis van haar Amerikaanse uitgever. Moeten wij ons zorgen maken?

“Het woke-spook” verder lezen

Bij de kap van een treurwilg

Hij gaf de opzichtig prozaïsche wijk
die van dood hout aan elkaar hangt
een weemoedige klank – zoiets heb je nodig

volgezogen met verdriet en verlangen
maakte hij dat van jou overbodig
je liep hem met een gerust hart voorbij

op zijn kruin had hij weleens – wat misplaatst –
een reiger op hoge stijve poten
in de panden van zijn jas scholen de andere vogels

zijn haar groeide tot aan het wateroppervlak
en als het geregend had
vielen daarop als spelden zijn tranen.

De magie van Rodenko

Poëzie heeft met de tijdgeest te maken, en ook weer niet. Steeds staan er nieuwe generaties dichters op die zich van de vorige willen onderscheiden. Op zich niet opmerkelijk: zo gaat het in het hele leven. Slechts enkelen van die nieuwe literaire generatie ontstijgen de tijdgeest en worden tijdloos: zij hebben hun persoonlijke stempel op de kunst weten te drukken. In het begin trekt vooral de algemene beweging de aandacht, als uiting van de tijdgeest; allengs wordt de universele waarde van de individuele kunstenaar zichtbaar.

Een dichter die goed paste in zijn tijd en deze tegelijk ontsteeg was Paul Rodenko (1920 – 1976). Zijn poëzieopvatting sloot aan bij die van de Vijftigers, jonge dichters die zich afzetten tegen de traditionele verskunst, met name die van de Tachtigers. Poëzie moest volgens hen experimenteel zijn, uitgaande van de zintuiglijke ervaring (‘experimenteel’ is gebaseerd op het Franse ‘expérience’), van de materie, en niet van een vooropgezet levensgevoel (zoals de romantiek of het humanisme).

“De magie van Rodenko” verder lezen

Literatuur als gedachte-experiment

Over de romans van Dag Solstad

Waarom trekt een recensie je aandacht? Dat deed in ieder geval de bespreking van Roman 11, boek 18 van de Noorse schrijver Dag Solstad (1941) in Tijdgeest, de weekendbijlage van Trouw, waarin Letter &Geest verdwenen is. In tegenstelling tot wat de recensent, Sofie Messeman, beweerde ging het niet om een nieuwe roman, maar om een vertaling – een behoorlijke misser – , maar dat wist ik toen nog niet. Solstads laatste roman dateert van 2002.

De opmerking ‘dat er niet veel in het boek gebeurde’, interesseerde me. Dan heeft de schrijver zelf het meest te vertellen. Er was sprake van ‘minimale verstoringen van goed geoliede levens die uiterst ontwrichtend uitpakken’. Een aanbeveling, want dan beschik je als auteur over dramatische kracht. In Roman 11, boek 18  trekt een zoon na zijn vader jarenlang niet te hebben gezien bij hem in. Er ontstaat echter geen goede verstandhouding: ‘de vader ergert zich groen en geel’. Ook dat sprak mij onmiddellijk aan; het geeft blijk van een onconventionele blik. Dat de recensent de schrijver cynisch noemde – zelf hunkerde ze naar weemoed – schrikte mij in het geheel niet af.

“Literatuur als gedachte-experiment” verder lezen

Lezen als religie

Religie biedt steun en troost. Dezelfde begrippen tref je de afgelopen tijd vaak aan als het om lezen gaat. Dat heeft natuurlijk te maken met de pandemie. We hebben het zwaar (om met Youp van ’t  Hek te spreken), maar kunnen in het boek verlichting vinden. We voelen ons eenzaam, maar niet langer als de warme, troostrijke stem van de auteur tot ons spreekt. Lezen doe je… samen. Amen.

Het regende het afgelopen jaar advertenties en hashtags om vaker naar het boek te laten grijpen. De ene na de andere digitale boekenclub zag het licht. Herkenning vonden we in pandemieklassiekers, die een geheel nieuw genre vormden. Voor het CPNB leek de pandemie bijna een zegen: eindelijk kunnen we het onwillige volk aan het lezen krijgen. Natuurlijk is deze club voor dit doel opgericht, maar de enthousiaste toon en de intensiteit waren in deze context gênant.

Het woord is heilig geworden en de boekhandel een tempel. De sluiting van de boekhandels baarde spontaan een nieuwe hashtag (#steunjeboekhandel), die op sociale media door culturele Gutmenschen tot gekmakens werd gedeeld. Zulke massale steun ondervond de zieltogende boekhandel nooit eerder.

“Lezen als religie” verder lezen

Boekenpaniek

Er zijn nieuwe lockdownmaatregelen afgekondigd en iedereen voelt zich weer tekortgedaan. Het wemelt van de kwetsbaren. Politici blazen hoog van de toren, alsof er momenteel geen sprake is van een probleem dat alle andere even overstijgt. Het lijkt alsof we vijf weken zonder school of boekhandel niet kunnen overleven. Als scholier was ik in de zevende hemel geweest. Die leerachterstand haal je makkelijk weer in. Ik genoot ook altijd van die zes weken zomervakantie.

Boekhandels kunnen nog steeds boeken online verkopen. Het is natuurlijk jammer dat veel mensen zo geprogrammeerd zijn dat ze dan meteen aan bol.com denken. Boekhandels zouden meer aan de PR voor online verkoop kunnen doen. Maar ze zijn er echt een stuk minder slecht aan toe dan horeca, musea en kapsalons, waar men werkelijk de pineut is.

“Boekenpaniek” verder lezen

Gratis boeken voor de premier

Mark Rutte heeft geboft: vanaf deze week tot aan de verkiezingen krijgt hij wekelijks een boek opgestuurd van neerlandici. ‘Ze willen de premier wijzen op de troost en rijkdom van literatuur, juist in crisistijd’, lees ik in de krant (Trouw, 13 november jl.). Initiatiefnemer is hoogleraar Marc van Oostendorp, die zich wel vaker druk maakt om ontlezing. Als eerste boek krijgt Rutte Reize door het Aapenland van J.A. Schasz (een pseudoniem van Gerrit Paape) uit 1788. Ik zie Rutte al grijnzen. De kans bestaat zelfs dat hij het boek al kent. Als historicus, omdat de satire speelt tegen de achtergrond van de Verlichting en de strijd tussen de patriotten en de prinsgezinden. Of als lezer, zoals Rutte toch bekendstaat (Thomas Mann!). Rutte hoef je echt niet van de waarde van literatuur te overtuigen.

“Gratis boeken voor de premier” verder lezen